Capo draaien de magische gitaartruc
Er is een klein, eenvoudig stukje gereedschap dat de manier waarop je gitaar speelt compleet kan veranderen. Het wordt vaak over het hoofd gezien, maar voor velen is het de sleutel tot een heel nieuw muzikaal landschap. We hebben het over de capo, of zoals je het in de volksmond hoort: de capo draaien. Het is geen toverstaf, maar het voelt soms wel zo. Met één simpele beweging verschuif je de toonhoogte van je snaren, waardoor je opeens in een andere toonsoort speelt zonder dat je je vingerzetting hoeft aan te passen. Dit opent een wereld van mogelijkheden, vooral voor zangers die een nummer in een voor hen comfortabelere toonsoort willen zingen, of voor spelers die de typische klank van open akkoorden willen behouden. Het is de reden dat je een nummer als “Wonderwall” of “Tears in Heaven” kunt spelen met dezelfde open akkoorden als in G, maar dan in een hogere toonsoort. Wil je deze techniek zelf ervaren en je spel naar een hoger niveau tillen? Bezoek dan Capospin Online voor inspiratie en meer informatie over hoe je de capo optimaal kunt benutten.
De basis van de capo: meer dan alleen een klem
In essentie is een capo een klem die je over de hals van je gitaar plaatst, tegen de fretten aan. Het verkort effectief de lengte van de snaren, waardoor de toonhoogte van elke snaar stijgt. Plaats je de capo op de eerste fret, dan klinkt elke snaar een halve toon hoger. Op de tweede fret wordt het een hele toon, enzovoort. Het geniale zit hem in de eenvoud: je kunt alle open akkoorden die je kent (G, C, D, Em, Am) blijven gebruiken, maar ze klinken nu in een compleet andere toonsoort. Dit is een enorme tijdsbesparing en voorkomt dat je ingewikkelde barré-akkoorden moet leren voor elk nieuw nummer.
Maar de capo is niet alleen voor beginners. Zelfs de meest ervaren gitaristen gebruiken hem om een bepaalde textuur of klankkleur aan hun spel toe te voegen. Een capo op de vijfde fret geeft een helderder, sprankelender geluid, terwijl een capo laag op de hals (eerste of tweede fret) een warmere, vollere klank kan geven. Het is een hulpmiddel om je muzikale palet uit te breiden zonder dat je nieuwe technieken hoeft te leren.
Verschillende soorten capo’s en hun unieke karakter
Niet elke capo is hetzelfde. Er zijn verschillende modellen, elk met hun eigen voor- en nadelen. De keuze hangt af van je speelstijl, je gitaar en je persoonlijke voorkeur. Hier is een overzicht van de meest voorkomende types:
- Schroefcapo: Een klassieker. Je draait aan een schroef om de druk op te voeren. Zeer betrouwbaar en oefent gelijkmatige druk uit, maar het kost wat tijd om te verplaatsen.
- Klemcapo (spring capo): De populairste keuze. Je knijpt hem open en klikt hem op de hals. Snel en gemakkelijk te verplaatsen tijdens een nummer. Let op de kwaliteit van de veer; een te sterke veer kan de stemming verstoren.
- Gedeeltelijke capo: Een bijzonder type dat alleen een aantal snaren afdekt (bijvoorbeeld de bovenste vijf of de onderste drie). Dit opent de deur naar alternatieve stemmingen en unieke akkoordenschema’s die met een normale capo niet mogelijk zijn. Het is een favoriet van experimentele gitaristen.
Hoe kies je de perfecte capo voor jouw gitaar?
Het kiezen van de juiste capo is een persoonlijke aangelegenheid. Het is het beste om er een paar uit te proberen, maar hier zijn enkele richtlijnen om je op weg te helpen. Allereerst moet de capo passen bij de radius van je toets. Gibsons hebben bijvoorbeeld een andere radius dan Fenders. Een capo die niet perfect past, kan zoemende snaren of intonatieproblemen veroorzaken. Ten tweede, let op de klemkracht. Een capo die te los zit, dempt de snaren niet goed. Een capo die te strak zit, trekt de snaren uit de stemming. Zoek een capo die een gulden middenweg biedt. Hieronder een vergelijking van de belangrijkste eigenschappen:
| Type capo | Voordelen | Nadelen |
|---|---|---|
| Schroefcapo | Zeer precieze druk, betrouwbaar, geschikt voor alle gitaartypen | Traag te verplaatsen, minder geschikt voor snelle wisselingen |
| Klemcapo | Snel, eenhandig te bedienen, ideaal voor live optredens | Kan minder precies zijn, veerkracht kan variëren |
| Gedeeltelijke capo | Unieke klankkleuren, creatieve vrijheid, eenvoudig alternatief voor open stemmingen | Complexer in gebruik, minder geschikt voor standaard nummers |
Praktische tips voor het gebruik van de capo
Het daadwerkelijk toepassen van de capo is eenvoudig, maar er zijn een paar dingen om in gedachten te houden. Zorg ervoor dat de capo zo dicht mogelijk tegen de fret aan zit, aan de kant van de kop. Dit minimaliseert de kans op zoemende snaren. Draai of klik de capo stevig vast, maar forceer niets. Als je gitaar na het plaatsen van de capo vals klinkt, controleer dan of de capo niet te strak zit of dat hij niet perfect is uitgelijnd. Een kleine aanpassing kan het verschil maken.
Een andere tip is om te experimenteren met verschillende posities. Speel een nummer dat je kent in G, en zet de capo op de derde fret. Je speelt nu in Bb, maar met de vertrouwde G-akkoorden. Dit is een geweldige manier om nieuwe toonsoorten te verkennen zonder het wiel opnieuw uit te vinden. Ook voor zangers is dit een uitkomst: als een nummer te hoog of te laag is, schuif je gewoon de capo een paar fretten omhoog of omlaag tot het perfect past bij jouw stembereik.
Veelgestelde vragen over de capo
Hieronder vind je antwoorden op enkele van de meest gestelde vragen over het gebruik van een capo. Deze zouden je moeten helpen om eventuele twijfels weg te nemen.
1. Waarom klinkt mijn gitaar vals als ik een capo gebruik?
Dit kan verschillende oorzaken hebben. De meest voorkomende is dat de capo niet stevig genoeg is vastgemaakt of dat hij te ver van de fret af staat. Controleer ook of je capo wel geschikt is voor de radius van je toets. Soms is een simpele aanpassing van de positie voldoende.
2. Kan ik een capo gebruiken op een elektrische gitaar?
Absoluut. Het principe is hetzelfde als op een akoestische gitaar. Veel blues- en rockgitaristen gebruiken een capo op elektrische gitaren om een helderdere, hogere klank te krijgen of om open akkoorden in een ongebruikelijke toonsoort te spelen.
3. Wat is het verschil tussen een capo en een bottleneck?
Een capo wordt gebruikt om de toonhoogte van alle snaren tegelijk te verhogen, terwijl een bottleneck (of slide) over de snaren glijdt om één noot of akkoord te spelen. Ze zijn totaal verschillende technieken met verschillende doeleinden. Een capo is voor toonsoortverandering, een bottleneck voor expressieve, glijdende geluiden.
4. Hoeveel capo’s heb ik nodig?
Eén goede capo is voor de meeste gitaristen voldoende. Sommige spelers hebben er twee: een voor standaard gebruik en een gedeeltelijke capo voor experimenten. Als je veel speelt, is het handig om een reserve te hebben voor het geval je er een kwijtraakt.
5. Verstoort een capo de intonatie van mijn gitaar op lange termijn?
Nee, een capo beschadigt je gitaar niet. De druk die hij uitoefent is niet groter dan de druk van je vingers tijdens het spelen. Zolang je hem niet te strak aandraait en hem niet urenlang op dezelfde plek laat zitten, is er geen risico op schade. Je gitaar heeft af en toe een nieuwe set snaren en een kleine intonatie-check nodig, maar dat heeft niets met de capo te maken.

